Grootstadsblok Cadix
Lieve Drooghmans 22 december 2023

Vlak langs het water, aan het Kattendijkdok op het Antwerpse Eilandje, bevindt zich het grootstadsblok Cadix. Een familie van gebouwen, op een perceel van 100 bij 50 meter, ontworpen door drie geselecteerde architectenbureaus: Sergison Bates uit London, BULK architecten en Bovenbouw Architectuur, beiden gevestigd in Antwerpen. Dit gebeurde in nauwe samenwerking met bouwheer CIP, die wat verderop ook het residentieel project Falconhoven ontwikkelde en zowat de rode draad heeft gevormd voor het slagen van het project.

Naast de ontwikkelaar was ook het beeldkwaliteitsplan van het Eilandje een cruciaal gegeven voor de drie architectenbureaus. Dit plan fungeert als een kompas voor architecten en stedenbouwkundigen, met als doel de historische havengeest in hun ontwerp te bewaren.

Enkele decennia geleden was het Eilandje nog de rand van Antwerpen, het domein van hardwerkende havenarbeiders. Vandaag is gentrificatie merkbaar, wat de uitdaging om de authentieke havenatmosfeer te behouden nog groter maakt.

Cadix, als een van de meest recente projecten, maakt optimaal gebruik van de richtlijnen uit het beeldkwaliteitsplan, waardoor we in dit nieuwe woonblok de karakteristieke Hanze-architectuur en de kenmerkende wulpse pakhuizen van het Eilandje kunnen herkennen. Om eenheid te creëren tussen de verschillende ontwerpen, werden de visie, de gewenste beeldkwaliteit en de basisprincipes van het inrichtingsplan collectief uitgestippeld.

 

 

De ontwerpbureaus zijn het er unaniem over eens dat het stadsblok een groen binnengebied moet krijgen, wat leidde tot de creatie van een smalle binnentuin met bomen, planten en meanderende paden. Hiermee integreren ze niet alleen groen in het woonblok, ze creëren ook een oase van rust in de stedelijke omgeving. De entrees van de gebouwen fungeren als gesloten passages naar de binnentuin. Enkel tussen de twee woongebouwen van BULK is er een open doorgang die uitzicht biedt op een van de langste doorzichten van Antwerpen-Noord.

Als eerbetoon aan de oorspronkelijke architectuur van de plek, kozen de architecten voor baksteen als dominant bouwmateriaal. Deze keuze draagt bij aan de visuele samenhang en versterkt de band met de oorspronkelijke architectuur van het Eilandje.

De vijf woonblokken kennen verschillende woontypologieën om een grote variëteit aan huishoudens te kunnen onderbrengen. Naast maisonnettes en appartementen zijn er ook grondgebonden woningen en woon-werkunits. Door units koppelbaar te maken wordt maximaal ingespeeld op de woningbehoefte in verschillende levensfases.

 

Sergison Bates

Sergison Bates ontwierp het appartementsgebouw aan het Kattendijkdok, geïnspireerd op de industriële kadegebouwen. De appartementen bieden een panoramisch uitzicht op het water en hebben gemeenschappelijke ruimten en dakterras. Op het gelijkvloers zijn studentenwoningen ondergebracht en flexibele ruimtes voor bedrijvigheid.

 

 

BULK architecten

BULK nam drie aangrenzende gebouwen aan de Kattendijkdok-Oostkaai en een deel in de Tallinnstraat voor zijn rekening. (zie foto boven dit artikel) De drie gebouwen hebben elk hun eigen thema en woontypologie.

De lichtgele woningen verwijzen naar de schipperswoningen in gele baksteen die vandaag nog steeds te vinden zijn in de omgeving van de haven. Bourla, stadsarchitect van Antwerpen in de 19de eeuw, stelde een plan op voor het Eilandje als een frisse wijk met huizen in lichte kleuren. Wit was kenmerkend voor de bourgeoisie, dus werden de gezinswoningen opgetrokken in gele bakstenen. De vijflagige woningen waarin grote schippersfamilies gehuisvest werden, staan in rijen langs elkaar en worden soms onderbroken door een klein pakhuis. Met dit ter inspiratie, ontwierp BULK drie gestapelde duplexen met de voordeur en keuken aan de straatkant en een achtergevel die uitgeeft op de binnentuin zoals bij een klassieke rijwoning. Deze ontwerpkeuzes hebben als doel de aspecten van de volkswijk terug te brengen en sociaal contact te stimuleren.

Het tweede, witte gebouw van BULK, is een intelligent ruin met een dragende kern en gevel. Hierdoor kunnen de grondplannen alterneren en kan het gebouw na 50 jaar uitgekleed worden en iets helemaal anders betekenen. Het derde, rode gebouw combineert de twee voorgaande woningtypologieën en biedt nog meer diversiteit in woonmogelijkheden.

 

Bovenbouw Architectuur

Bovenbouw maakte het ontwerp voor de kopse gevel aan de Londenstraat, een straat die tegenwoordig het aanzicht van een boulevard heeft gekregen. Het palazzo-achtige ontwerp vormt een mooie aanvulling binnen deze context. De hoeken van het gebouw zijn zichtbaar bij drie van de vier gevelaanzichten van het totale blok, waardoor dit gebouw een grote impact heeft op de totale structuur. De gevel wordt horizontaal gestructureerd door de bogen die scherpe bochten vormen en doen denken aan golven in het water.

In het gebouw is een vijfhoekige trappenhal ontworpen als een aangename passage die niet alleen een overvloed aan daglicht binnenbrengt, maar ook uitzicht op de binnentuin biedt.

 

 

De appartementen in de twee hoeken variëren in structuur van smal naar breed doorheen het gebouw, wat een complexe indeling oplevert. Een sterke diagonaal in de plattegronden zorgt ervoor dat de eenzijdig georiënteerde appartementen een brede gevelontwikkeling hebben met uitzicht op het MAS in de ene hoek en zicht op Park Spoor Noord in de andere hoek. De appartementen die centraal in het gebouw liggen, hebben een rechte vorm. Hierdoor kunnen de bewoners genieten van een uitzicht op straat en aan de weerszijde van hun woning op de gedeelde binnentuin.

 

Het geheel zit bijzonder mooi in elkaar. Reden genoeg voor een bezoek tijdens de Architectuurreis Antwerpen (2023), met de projectarchitecten van BULK en Bovenbouw.

 

Cadix bouwblok A5

Opdrachtgever  CIP, Antwerpen
Locatie  Londenstraat / Kattendijkdok Oostkaai / Tallinnstraat, Antwerpen
Architecten  Bovenbouw Architectuur, BULK architecten, Sergison Bates architects
Programma  5 gebouwen met 200 woningen, commerciële ruimtes en ondergrondse parkeergarage
Oplevering  2021

Foto’s  © Stijn Bollaert