Cité de Hemptinne: sociaal experiment in Gent
Lieve Drooghmans 31st May 2019

Ergens in de Gentse binnenstad broeit er wat. Bewoners van de zogeheten Cité de Hemptinne nemen van tijd tot tijd delen van de publieke ruimte in en toveren hun straten om tot aangename verblijfplaatsen. Sinds kort maakt de stad plannen om deze conditie te institutionaliseren door hier groene, autovrije woonerven te ontwikkelen.

Sociale woonwijk avant la lettre

Begin jaren 1900 ontplooit er zich in de Gentse wijk een opmerkelijk initiatief inzake volkshuisvesting. De katholieke textielpatron Eugène de Hemptinne heeft in de buurt een fabriek liggen maar kampt echter met aanhoudende personeelsproblemen. Om gemakkelijker arbeiders aan zich te binden wil hij op de door hem aangekochte gronden binnen de contouren van een bestaand bouwblok een aantrekkelijke woonwijk bouwen. Architect Louis Gildemyn krijgt de opdracht om kwalitatieve woningen te ontwerpen binnen een zo rationeel mogelijk masterplan. Hij komt uiteindelijk tot een schema waarbij een orthogonaal stratenpatroon zes kleinere clusters onderscheidt van gemiddeld 11 gespiegelde rijhuisjes. Elk huisje bestaat uit twee bouwlagen, met een zolderverdieping en een kleine koer. De nieuwe wijk krijgt zelfs een buurtwinkel en steekt als privaat initiatief sterk af tegen de courante arbeidershuisvesting uit die tijd, zowel op vlak van schaal en woningkwaliteit.

 

 

Doorwaadbare stadsenclave

De orthogonale straatjes van Cité de Hemptinne maken vandaag mee deel uit van het omliggende openbaar stratennetwerk. Wie de Cité betreedt, ervaart nochtans wel een microwijkje binnen te stappen. De relatief goed bewaard gebleven neo-traditionele baksteenarchitectuur in overwegend rode kleur zet deze ervaring kracht bij. Een architectonische homogeniteit van deze schaal contrasteert sterk met de heterogene bebouwing uit de omgeving. Tegelijkertijd verschillen de Cité-woningen ten opzichte van elkaar. Niet enkel door de genuanceerde architectonische verschillen die Gildemyn aanbracht – met name de gelaagdheid in de gevels, het arsenaal aan dakkappellen en de vormen van de raamopeningen – maar ook door de talrijke aanpassingen die bewoners de afgelopen decennia in toenemende mate doorvoerden. Kijk maar naar de variatie aan schrijnwerkinvullingen en geveltuintjes die de gevels een unieke patine geven. Wat naast deze ‘gepersonaliseerde’ eenheidsarchitectuur ook bijdraagt tot het enclave-gevoel, is het feit dat de stoepen sterk toegeëigend worden door de bewoners. Zo staan bij heel wat huisjes permanent tafeltjes, stoelen en bloempotten tegen de gevel geparkeerd. 

 

 

De straat als voortuin

Doordat de koertjes gaandeweg allemaal dicht zijn gebouwd ten voordele van extra woonruimte, zien heel wat bewoners kans om de voorzijde van de woning in te richten als zitplekje. Dat je hierdoor als passant verplicht wordt om op straat te wandelen vormt gelukkig geen probleem. De straatjes zijn verkeersluw en er staan opvallend genoeg minder auto’s geparkeerd dan in de omliggende straten. Dat heeft dan weer te maken met het bijzondere verkeersstatuut in de Cité. Zo werden de straten na bewonersklachten over parkeeroverlast enkel toegankelijk voor plaatselijk verkeer – uitgezonderd voetgangers en fietsers. Bovendien beschikken zeker niet alle bewoners over een wagen waardoor de parkeerdruk ook van binnenuit afgenomen is. Nu de auto teruggedrongen werd uit de straatjes, zien de bewoners zeker in de zomermaanden kansen om de straat in te richten als verblijfsruimte. Spontane barbecues maken de straat tot openluchtrestaurant, een idee om samen naar de wereldbeker voetbal te kijken ontaardt in een openluchtcinema, noem maar op.

 

 

Samen leven

Het is best opmerkelijk hoe spontaan het sociale leven in de Cité lijkt te verlopen. Nochtans woont hier een diversiteit aan gezinsprofielen: jonge koppels, alleenstaanden (al dan niet met kinderen), ouderen en studenten. Met een merendeel aan betaalbare huurwoningen te midden van de stad vormt deze plek voor velen een tussenstop, om later door te groeien naar een eigen woning. Het slechte akoestische en thermische comfort van de woningen nemen de bewoners er zonder al te veel geklaag bij. De radicale woonomstandigheden dwingen de bewoners extra rekening met elkaar te houden. Spanningen worden uitgepraat, van echte escalaties is tot op heden geen sprake geweest. Waar alle bewoners het unaniem over eens zijn, is dat een meer structurele transformatie van ‘hun voortuin’ zich opdringt. In het verleden ontstonden immers al spanningen tussen de bewoners en de stad omwille van de ‘illegale’ stoepbelemmeringen en het woekerende groen dat onder andere de straatjes met de blinde zijgevels volgens de bewoners zo leuk opfleurt. Bovendien ervaart men wel vaker hinder van de vele nachtelijke voorbijgangers uit de richting van de Vooruit en de vele cafeetjes daarrond. De wat aan het zicht onttrokken Cité-fietsenstallingen vormen voor studenten dan ook de ideale plaats om een makkelijk transportmiddel naar huis te scoren.

 

 

Sociaal experiment

Momenteel werkt Stad Gent dan ook in samenspraak met de bewoners aan een plan om de volledige Cité en enkele omliggende straten in te richten als autovrij woonerf. De Cité-woningen worden voorzien van individuele voortuintjes waartussen een gemeenschappelijke wegelstructuur loopt met op de kruispunten bomen, zitmeubilair en fietsenstallingen. Opvallend is dat de bewoners hierin een grote verantwoordelijkheid krijgen. Zo zullen zij de volledige groeninrichting en de aankoop en beheer daarvan op zich nemen. De Groendienst staat niet in voor het begeleiden van dit proces noch bij de opmaak van een eventuele overeenkomst die hiervoor afgesloten moet worden met de bewoners. Of de bewoners erin zullen slagen zich als collectief te organiseren teneinde de beoogde beeld- en gebruikskwaliteit op lange termijn te realiseren, is nog maar de vraag. In elk geval een boeiend sociaal experiment om in de gaten te houden.

 

 

Glenn Lyppens

Foto’s  Glenn Lyppens & Google Maps
Rendering  3d depoo voor Stad Gent

31/5/2019

Uw reactie

Your email address will not be published. Required fields are marked *